Berichten

‘De Eeuwige Bron’ van Ayn Rand

Twee maanden geleden vroeg de eigenaar van mijn favoriete boekwinkel of ik als lezer mee wilde doen aan een avond over Ayn Rand en haar boek: ‘De Eeuwige Bron’.  Zoals velen van u weten ben ik een groot liefhebber van de Litouws-Franse filosoof Emmanuel Levinas. Er zal moeilijk een denker te vinden zijn wiens overtuigingen zo haaks staan op die van hem als Ayn Rand.

In Breda organiseert Café Livre zes bijeenkomsten per jaar over een boek met toelichting van deskundigen en lezers. De deskundigen van die avond trekken mij over de streep om in te stemmen met dit verzoek: Hans Achterhuis (filosoof) en Floor Rusman (historica). Het werd tijd dat ik deze dame eens nader ging bestuderen.

Wie was Ayn Rand?

In het kort

Ayn Rand (1905-1982) was een Amerikaanse schrijfster en filosofe, zij creëerde het Objectivisme, welke ze beschreef als ‘een filosofie geschikt voor het leven op aarde’.
Rand’s meest bekende romans zijn The Fountainhead (in NL: De Eeuwige Bron) en Atlas Shrugged (in NL: De kracht van Atlantis).

Rand werd geboren in Rusland, waar zij naar de middelbare school en de universiteit ging, daar studeerde zij geschiedenis, filosofie, en scenarioschrijven en was zij getuige van de Bolsjewistische Revolutie en het ontstaan van de Sovjet Unie. In 1925 vertrok ze onder het voorwendsel van een kort familiebezoek naar de Verenigde Staten, met de intentie om nooit meer terug te keren.

Haar filosofie, het Objectivisme, kenmerkt zich door rationalismeobjectieve kennisatheismerationeel egoïsme; in politiek opzicht: laissez-faire kapitalismeminarchisme (=nachtwakerstaat) en in de kunst: romantisch realisme.

De Eeuwige Bron

In deze roman beschrijft Ayn Rand de lotgevallen van de jonge, getalenteerde architect Howard Roark, die geen enkele concessie doet aan de algemene smaak. Een rivaal zit daar niet mee en wordt beroemd en rijk, terwijl Roark arm en eenzaam is. Toch volhardt deze in zijn weigering iets te maken wat tegen zijn ideeën indruist.

Cafe Livre

Afgelopen week sprak ik deze tekst uit als lezer van het boek. Er was mij nadrukkelijk verzocht mijn politieke mening over haar gedachtegoed niet te benoemen.

Hij keek mij vol verbazing aan, mijn eigen echtgenoot, dat ik Ayn Rand nog nooit had gelezen. “Het is een pageturner. Ik heb het in een ruk uitgelezen. De hoofdpersoon wil net als jij nooit ergens lid van worden of bij horen, nu niet, nooit niet. Dat ben jij.”

Geraakt door zijn enthousiasme werd ik nieuwsgierig, maar hoe anders werd dat toen ik bij de ISVW de opleiding “Filosofie en Gezondheidszorg’ volgde en mijn docenten mij indringend lieten kennismaken met het neoliberalisme. “Ayn Rand? Dat is niet te lezen. Zo gruwelijk.” En toen voordat ik de eerste pagina aanraakte mijn vriendin uit New York: “Corine, niet jij, jij gaat dat niet lezen. Ayn propageert egoïsme boven altruïsme. Dat kun je niet lezen.”

Ik ging wel lezen. De eerste pagina’s vond ik zo matig van literaire kwaliteit dat ik niet wist of ik om die reden wel door moest gaan. Ik keek nogmaals op de achterzijde van het boek waarin zelfs werd gerept over ‘het beste boek aller tijden’. Ik zette vraagtekens bij mijn eigen perspectief.

Ik las door en begon sympathie te ervaren voor Howard Roark. Hij durft te staan voor zijn principes. Hij geeft niet om geld. Hij heeft visie. Hij is gedreven. Hij houdt niet van overleg. Hij is de Amerikaanse droom….zou niet iedereen zich een klein beetje in Howard herkennen, dan wel willen herkennen! Zeker in vergelijking met Peter Keating die zijn oren laat hangen naar anderen. Hij heeft danwel een diploma maar is een architect die alleen maar compromissen sluit en zichzelf en anderen geweld aan doet door klanten te vertellen wat ze willen horen, door hun ijdelheid te strelen. 

De eerste vrouw die ik tegenkom in het boek is Catherine, waarom wil een vrouw zo onderdanig zijn aan een man? Het deed mij denken aan het boek I.M. van Connie Plamen. Die enorme afhankelijkheid van een man. Niet je eigen leven kunnen leiden, maar steunen op een ander.

En toen de kennismaking met Dominique. De belangrijkste vrouw uit dit boek. De vrouw die een hele belangrijke rol speelt in het leven van de twee manlijke tegenpolen. Een vrouw die streeft naar vrijheid en autonomie…of toch niet ….

Haar vader, Guy Francon een beroemde architect, toont zijn liefde voor zijn dochter niet echt.

Ze herinnert zich dat haar jeugd geweldig was, maar ze verveelde zich vaak en raakte eraan gewend.  Verveling kan worden gereduceerd door creativiteit, maar Dominique is niet creatief. In plaats daarvan vind ik haar onverschillig geworden. Zodra ze iets vindt waar ze van houdt, vernietigt ze het. Voor haar kan het object waar ze van houdt een bron van angst en afkeer zijn. In mijn optiek “beschermt” ze feitelijk door vernietiging. Howard verkracht haar en behandelt haar met minachting. Het is die minachting waar zij voor lijkt te vallen. Niet minachting voor haar als persoon, maar verachting dat ze zichzelf onbreekbaar achtte. En dan concludeer ik dat ik Dominique emotioneel een onvolwassen vrouw vind.

Dominique trouwt eerst met Peter, die haar enorm bewondert, maar haar niet aankan en daarna trouwt ze met Gail Wynand. Een rijke eigenaar van een roddelkrant, als ik het zo mag zeggen. Gail houdt volgens mij echt van Dominique maar hij gaat ook steeds meer houden van Howard. Gail is rijk geworden door pulp te verkopen aan ‘het volk’ en hij walgt ervan. Zijn krant ‘The Banner’ wordt pas echt iets van hem als hij gaat schrijven over Howard en dan komt hij erachter dat hij in een groteleugen leeft, zijn eigen gecreeërde leugen.

Aan het eind van de roman neemt Howard het roer echt in handen. Hij gaat over tot het gebruiken van geweld nadat anderen zonder zijn toestemming veranderingen hebben aangebracht aan een schepping van hem. Hij moet zich verantwoorden en voert zelf zijn verdediging. Dat doet hij op gloedvolle wijze. Daar kun je niet meer om het mensbeeld van Ayn Rand heen. In dit stuk etaleert zij haar filosofie voluit.

U begrijpt al met al werd het een interessant boek. Literair nog steeds dun, maar de dialogen vertellen veel over Rands mensvisie. Als je het boek leest zonder enige politieke context, is het een boek over ‘Dicht bij jezelf blijven en niet aan andermans verwachtingen voldoen’. Maar dan stuit het boek mij enorm tegen de borst rond om het “liefdesverhaal” dat volgens mij bestaat uit een spel van verkrachting en macht.

Rand heeft aan haar Russische roots een afkeer van het collectivisme overgehouden zo is op basis van dit boek nu mijn conclusie. Ze kiest voor het individualisme en dat doet ze in dit boek met fundamentalistische hartstocht.

Meer weten over de filosofie van Ayn Rand?

https://www.groene.nl/artikel/god-zegene-de-dollar

https://www.volkskrant.nl/opinie/hoe-vaak-heb-ik-mijn-ziel-verkocht-ben-ik-ook-niet-gewoon-een-meeloper~a4583344/

https://www.trouw.nl/home/achterhuis-dwingt-lezer-tot-nadenken~a34bc948/

 

Literatuur in de geneeskunde

Het is vandaag voor de 20ste keer World Book Day. Een initiatief van UNESCO. Een mooi moment om aandacht te besteden aan het belang van literatuur in de geneeskunde.

‘Geneeskunde is mijn wettige echtgenote en de literatuur is mijn maîtresse. Als de een mij verveelt, slaap ik met de andere. Het is misschien een beetje wanordelijk maar het is in ieder geval niet eentonig.’

Zo omschreef de arts en schrijver Anton Tsjechov in de 19e eeuw de verhouding van de literatuur met de geneeskunde.

Het is voor de arts niet alleen belangrijk om te verklaren waardoor iemand ziek is, maar ook om te weten wat de patiënt ervaart. Deze verschillende manieren van kijken, luisteren, observeren zouden vaker geïntegreerd moeten worden.  Wat zijn de symptomen? Welke afwijkingen zijn er bij het lichamelijk onderzoek? Wat is de diagnose? Dat zijn vragen waar de artsen goed mee bekend zijn.Maar wie wil doordringen tot de belevingswereld en daarmee het verhaal van de patiënt, zal zich in hem of haar moeten verplaatsen. Hoe zien de gedachten, gevoelens en emoties van de patiënt eruit? Wat is de betekenis van zijn of haar gedrag ten aanzien van de ziekte?

De Duitse filosoof en psychiater Karl Jaspers definieerde in Allgemeine Psychopathologie. Ein Leitfaden für Studierende, Ärzte und Psychologen dit zogenaamde hermeneutische begrijpen (‘Verstehen’) als ‘meesidderen’ met de patiënt. Daarmee is het niet de bedoeling om met de patiënt in de put te gaan zitten, maar om de klachten in te voelen en te interpreteren vanuit professionele autonomie.

Sofie Vandamme besluit aan het eind van haar boek ‘Koele minnaars’ dat literatuur en geneeskunde er een tegengestelde benadering van ziekte op nahouden, waarbij wetmatigheid tegenover verbeelding staat en specificiteit tegenover algemeenheid.

Philip Huff zei tijdens de dertigste Verweylezing in 2014:

‘De afstand tussen zichzelf en anderen verkleinen, door beter te begrijpen wie de ander ís, dat is wat de lezende mens doet. Dit effect, dat ik ‘cognitieve empathie’ zou willen noemen, kan niet worden gesorteerd door je ogen over een stukje tekst op een website te laten glijden. In tegenstelling tot korte nieuwsberichten op het blinkende platte vlak van een door advertentie-inkomsten gedreven website, is een goed geschreven roman een narratief dat ‘diep lezen’ afdwingt én faciliteert: het biedt zonder hyperlinks, plaatjes, filmpjes of geluidjes een lang en volledig verblijf in een andere wereld, waarbij de wereld waarin je leest verdwijnt. Je komt heel dicht bij de ander.’

Dus is er een rol voor boeken in de spreekkamer van de arts? Ja, want dankzij een goed verhaal, maar ook van een film of muziekstuk kan de belevingswereld van een patiënt duidelijker worden, zowel voor de patiënt als voor de arts. Deze kunstvormen kunnen naast de kunstbeleving ook een handvat bieden om ziektes en de beleving daarvan beter te begrijpen.